{"id":542,"date":"2026-09-17T11:20:47","date_gmt":"2026-09-17T11:20:47","guid":{"rendered":"https:\/\/collabspace.nl\/poct26\/?page_id=542"},"modified":"2026-10-29T06:04:52","modified_gmt":"2026-10-29T06:04:52","slug":"sessies","status":"publish","type":"page","link":"https:\/\/collabspace.nl\/poct26\/sessies\/","title":{"rendered":"Sessies"},"content":{"rendered":"\n<style>\n.poct26-sessies{\n  --o:#EC6608; --od:#C9540A; --osoft:#FFF3E9;\n  --ink:#1b1b1d; --body:#3a3a3e; --muted:#6b7280;\n  --bg:#ffffff; --bgalt:#faf8f6; --card:#ffffff; --border:#ececec;\n  --shadow:0 1px 2px rgba(0,0,0,.04),0 6px 20px rgba(0,0,0,.05);\n  --radius:16px;\n  background:var(--bg); color:var(--body);\n  font-family:system-ui,-apple-system,\"Segoe UI\",Roboto,Helvetica,Arial,sans-serif;\n  line-height:1.6; font-size:16px;\n}\n.poct26-sessies *{box-sizing:border-box}\n.poct26-sessies .wrap{max-width:900px;margin:0 auto;padding:0 22px}\n.poct26-sessies .hero{background:linear-gradient(135deg,var(--o) 0%,var(--od) 100%);color:#fff;padding:60px 0 54px;text-align:center}\n.poct26-sessies .hero .kicker{text-transform:uppercase;letter-spacing:.14em;font-weight:600;font-size:13px;opacity:.9;margin:0 0 14px}\n.poct26-sessies .hero h1{font-size:clamp(32px,6vw,52px);line-height:1.05;font-weight:800;margin:0 0 16px;color:#fff}\n.poct26-sessies .hero p{font-size:clamp(15px,2.4vw,18px);max-width:620px;margin:0 auto;opacity:.95}\n.poct26-sessies .hero .meta{display:inline-flex;flex-wrap:wrap;gap:10px 22px;justify-content:center;margin-top:22px;font-weight:500;font-size:14.5px;opacity:.95}\n.poct26-sessies .block{padding:48px 0}\n.poct26-sessies .block.alt{background:var(--bgalt)}\n.poct26-sessies .sec-head{margin:0 0 26px}\n.poct26-sessies .sec-head h2{font-size:clamp(22px,4vw,29px);font-weight:800;color:var(--ink);margin:0 0 8px;line-height:1.15}\n.poct26-sessies .sec-head h2 .bar{display:block;width:52px;height:4px;background:var(--o);border-radius:3px;margin-bottom:14px}\n.poct26-sessies .sec-head .when{margin:0;color:var(--muted);font-size:14px;font-weight:600;letter-spacing:.01em}\n.poct26-sessies .s-list{display:flex;flex-direction:column;gap:18px}\n.poct26-sessies .card{background:var(--card);border:1px solid var(--border);border-radius:var(--radius);padding:24px 26px;box-shadow:var(--shadow)}\n.poct26-sessies .s-head{display:flex;flex-wrap:wrap;gap:9px;align-items:center;margin-bottom:12px}\n.poct26-sessies .track{font-size:11.5px;font-weight:700;letter-spacing:.03em;padding:4px 11px;border-radius:999px;background:var(--osoft);color:var(--od);white-space:nowrap}\n.poct26-sessies .track.ghost{background:transparent;border:1px solid var(--border);color:var(--muted);font-weight:600}\n.poct26-sessies .s-title{font-size:19.5px;font-weight:700;color:var(--ink);margin:0;line-height:1.25}\n.poct26-sessies .s-speaker{margin:6px 0 0;font-size:14px;color:var(--muted)}\n.poct26-sessies .s-speaker strong{color:var(--body);font-weight:600}\n.poct26-sessies .s-body{margin:14px 0 0;font-size:15px;color:var(--body)}\n.poct26-sessies .s-body p{margin:0 0 12px}.poct26-sessies .s-body p:last-child{margin:0}\n.poct26-sessies .placeholder{margin:12px 0 0;font-size:13px;color:var(--muted);font-style:italic;padding:9px 12px;border:1px dashed var(--border);border-radius:10px}\n.poct26-sessies .cta{background:var(--ink);color:#fff;text-align:center;padding:50px 0}\n.poct26-sessies .cta h2{font-size:clamp(23px,4vw,30px);font-weight:800;margin:0 0 12px;color:#fff}\n.poct26-sessies .cta p{margin:0 auto 22px;max-width:520px;opacity:.85;font-size:15.5px}\n.poct26-sessies .btns{display:flex;flex-wrap:wrap;gap:12px;justify-content:center}\n.poct26-sessies .btn{display:inline-block;background:var(--o);color:#fff;text-decoration:none;font-weight:700;font-size:15px;padding:13px 26px;border-radius:999px}\n.poct26-sessies .btn:hover{background:var(--od)}\n.poct26-sessies .btn.line{background:transparent;border:1.5px solid rgba(255,255,255,.4)}\n.poct26-sessies .btn.line:hover{background:rgba(255,255,255,.1)}\n<\/style>\n\n<div class=\"poct26-sessies\">\n\n  <div class=\"hero\">\n    <div class=\"wrap\">\n      <p class=\"kicker\">Point-of-care congres \u00b7 POCT26<\/p>\n      <h1>Programma<\/h1>\n      <p>Verdieping bij elk programmaonderdeel. Lees vooraf waar de keynotes, lezingen en workshops over gaan, zodat je jouw dag optimaal kunt indelen.<\/p>\n      <div class=\"meta\">\n        <span>\ud83d\udcc5 Donderdag 29 oktober 2026<\/span>\n        <span>\ud83d\udccd Hanze, Groningen<\/span>\n      <\/div>\n    <\/div>\n  <\/div>\n\n  <!-- PLENAIRE SESSIE 1 -->\n  <div class=\"block\">\n    <div class=\"wrap\">\n      <div class=\"sec-head\">\n        <h2><span class=\"bar\"><\/span>Plenaire sessie 1 \u2014 Opening &amp; keynote<\/h2>\n        <p class=\"when\">09:30\u201310:00 \u00b7 POCT in Care, Cure en Prevention<\/p>\n      <\/div>\n      <div class=\"s-list\">\n\n        <div class=\"card\">\n          <div class=\"s-head\"><span class=\"track ghost\">Welkomswoord<\/span><\/div>\n          <h3 class=\"s-title\">Welkom bij POCT26<\/h3>\n          <p class=\"s-speaker\"><strong>Fin Milder<\/strong> \u00b7 Lector Biomolecules &amp; Health, Hanze<\/p>\n          \n        <\/div>\n\n        <div class=\"card\">\n          <div class=\"s-head\"><span class=\"track\">Keynote<\/span><\/div>\n          <h3 class=\"s-title\">Openingskeynote<\/h3>\n          <p class=\"s-speaker\"><strong>Robin Toorneman<\/strong> \u00b7 Health Innovation Advisor<\/p>\n          <div class=\"s-body\">\n            <p>De technologie in de zorg ontwikkelt zich razendsnel. Van point-of-care diagnostiek en telemonitoring tot AI-ondersteuning, nieuwe biomarkers en digitale behandelingen: het zorglandschap verandert sneller dan ooit. Maar welke ontwikkelingen gaan de komende jaren \u00e9cht het verschil maken? En belangrijker nog: hoe zorgen we ervoor dat we als zorgsysteem de juiste keuzes maken?<\/p>\n            <p>In deze interactieve sessie neemt Robin Toorneman je in hoog tempo mee langs de belangrijkste trends, kansen en dilemma&#8217;s op het gebied van zorginnovatie. Hij gaat in op de rol van point-of-care-technologie, de prioriteiten binnen de Nederlandse zorgtransformatie en de vraag hoe innovatieve technologie daadwerkelijk haar weg vindt naar de dagelijkse praktijk. Daarbij wordt ook het publiek uitgedaagd om kleur te bekennen. Want hoe innovatief bent u zelf eigenlijk?<\/p>\n          <\/div>\n        <\/div>\n\n      <\/div>\n    <\/div>\n  <\/div>\n\n  <!-- PLENAIRE SESSIE 2 -->\n  <div class=\"block alt\">\n    <div class=\"wrap\">\n      <div class=\"sec-head\">\n        <h2><span class=\"bar\"><\/span>Plenaire sessie 2 \u2014 Care, Cure &amp; Prevention<\/h2>\n        <p class=\"when\">10:00\u201311:15 \u00b7 POCT in Care, Cure en Prevention<\/p>\n      <\/div>\n      <div class=\"s-list\">\n\n        <div class=\"card\">\n          <div class=\"s-head\"><span class=\"track\">Cure<\/span><\/div>\n          <h3 class=\"s-title\">POC-metingen in de ambulancepraktijk<\/h3>\n          <p class=\"s-speaker\"><strong>Drs. Bert Dercksen<\/strong> \u00b7 UMCG Ambulancezorg<\/p>\n          <div class=\"s-body\">\n            <p>In deze lezing staat het gebruik van POC-troponinemeting in de ambulancezorg centraal. Troponine komt in een vroeg stadium vrij uit beschadigd hartspierweefsel bij een hartinfarct. Door al in de thuissituatie troponine te bepalen bij pati\u00ebnten met klachten die op een hartinfarct kunnen wijzen, kan de ambulanceprofessional beter inschatten of de klachten daadwerkelijk bij een hartinfarct passen of bij iets anders.<\/p>\n            <p>Zo kan veiliger worden besloten of de pati\u00ebnt naar de cardioloog moet, beter naar de huisarts kan of met een zelfzorgadvies thuis kan blijven. De troponinewaarde wordt verwerkt in de zogeheten preHeart-score, die is gevalideerd voor de ambulancezorg en naast troponine ook gebruikmaakt van het hartfilmpje, de voorgeschiedenis, leeftijd en geslacht. De berekende waarde ondersteunt de professional in zijn klinische besluitvorming.<\/p>\n            <p>Daarnaast blikt Bert Dercksen vooruit: welke andere stoffen zijn met een POC-meting in de ambulance te bepalen? Denk aan het onderscheiden van licht en middelzwaar schedelhersenletsel of het vroeg opsporen van een beginnende sepsis.<\/p>\n          <\/div>\n        <\/div>\n\n        <div class=\"card\">\n          <div class=\"s-head\"><span class=\"track\">Care<\/span><\/div>\n          <h3 class=\"s-title\">POCT in de dagelijkse zorgpraktijk<\/h3>\n          <p class=\"s-speaker\"><strong>Frank Greeven<\/strong> \u00b7 Huisarts<\/p>\n          <div class=\"s-body\">\n            <p>Ben je een diabeet of ben je een persoon met de ziekte diabetes mellitus type 2? Ben je een pati\u00ebnt of acti\u00ebnt? Een persoon die geduldig wacht op het advies van de dokter of een persoon die met wearables als een freestyle libre je lichaam in casu je glucosestofwisseling leert begrijpen en daarop maatregelen neemt?<\/p>\n            <p>Ben je iemand die de eigen verantwoordelijkheid heel serieus neemt en dagelijks je beweegactiviteiten, je voedselintake, je welbevinden en glucosewaarden in een App noteert? Iedereen is anders en het is belangrijk aan te sluiten bij de persoon, bij zijn\/haar hulpvraag en bij zijn\/haar mogelijkheden.<\/p>\n            <p>Ik wil jullie meenemen in het gedachtengoed van de positieve gezondheid, waarbij eigen regie en veerkracht kernbegrippen zijn. Het huidig ervaren welbevinden wordt gescoord met hulp van het spinnenweb.<\/p>\n            <p>De vereniging Arts &amp; Leefstijl heeft het zogenaamde Leefstijlroer ontwikkeld met 6 pijlers (voeding, beweging, ontspanning, slaap, middelengebruik en verbinding). Dit bespreken geeft inzicht in wat voor de pati\u00ebnt belangrijk is.<\/p>\n            <p>Kort gezegd is:<\/p>\n            <p>Cure de behandeling met medicijnen en medische controles.<\/p>\n            <p>Care de begeleiding bij leven met diabetes, hulp thuis of ondersteuning bij complicaties.<\/p>\n            <p>Preventie gezond eten en bewegen om diabetes te voorkomen.<\/p>\n            <p>Een relatief nieuw begrip is amplitie, dat gaat over versterken van gezondheid, welzijn en bevlogenheid van mensen zodat ze optimaal functioneren. Preventie is kort gezegd het voorkomen van minnen en amplitie is het cre\u00ebren van plussen. Dit laatste begrip past beter in het huidige denken over gezondheid en gedrag.<\/p>\n          <\/div>\n        <\/div>\n\n        <div class=\"card\">\n          <div class=\"s-head\"><span class=\"track\">Prevention<\/span><\/div>\n          <h3 class=\"s-title\">Van technologie naar toepassing: de rol van het mbo<\/h3>\n          <p class=\"s-speaker\"><strong>Wim van Houtert<\/strong> \u00b7 Practor Toegepaste Zorginnovatie, Firda<\/p>\n          <div class=\"s-body\">\n            <p>Point-of-care technologie (POCT) ontwikkelt zich snel en laat in onderzoek en praktijk steeds vaker meerwaarde zien. Tegelijk blijkt het realiseren van die meerwaarde in de dagelijkse zorgpraktijk en op grotere schaal complexer dan verwacht. De uitdaging verschuift daarmee van technologische ontwikkeling naar implementatie, adoptie en duurzame inbedding in de context van zorg en welzijn.<\/p>\n            <p>In deze bijdrage staat de rol van het middelbaar beroepsonderwijs (mbo) centraal als belangrijke schakel in deze beweging. Vanuit het practoraat Toegepaste Zorginnovatie wordt gewerkt aan hybride leergemeenschappen waarin studenten, docenten en zorgprofessionals samen werken aan vraagstukken uit de praktijk. Technologie, waaronder POCT, wordt daarbij niet alleen ontwikkeld, maar vooral getest, toegepast en doorontwikkeld in de dagelijkse zorgcontext.<\/p>\n            <p>Uitgangspunt is dat zorginnovatie niet begint bij technologie, maar bij mensen, hun gedrag en hun omgeving. Dat vraagt om een andere manier van opleiden en samenwerken, waarin mbo-studenten actief bijdragen aan innovatie. De sessie laat zien wat de rol en meerwaarde van het mbo is in het versnellen van innovatie en het duurzaam toepassen van POCT in zorg en welzijn.<\/p>\n          <\/div>\n        <\/div>\n\n      <\/div>\n    <\/div>\n  <\/div>\n\n  <!-- PARALLELLE SESSIE 1 -->\n  <div class=\"block\">\n    <div class=\"wrap\">\n      <div class=\"sec-head\">\n        <h2><span class=\"bar\"><\/span>Parallelle sessie 1 \u2014 Ontwikkeling<\/h2>\n        <p class=\"when\">11:30\u201312:30 \u00b7 Workshops en parallelle sessies<\/p>\n      <\/div>\n      <div class=\"s-list\">\n\n        <div class=\"card\">\n          <div class=\"s-head\"><span class=\"track\">Care<\/span><span class=\"track ghost\">Ontwikkeling<\/span>\n<\/div> <p class=\"s-speaker\"> Locatie: Van Doorenveste &#8211; Aula<\/p>\n<p><\/p>\n          <h3 class=\"s-title\">Center of Excellence for POCT (CoE4POCT)<\/h3>\n          <p class=\"s-speaker\"><strong>Aurel Ymeti<\/strong> \u00b7 Principal Scientist Applied Nanotech, Saxion<\/p>\n          <div class=\"s-body\">\n            <p>Het Center of Excellence for Point-of-Care Technologies (CoE4POCT) richt zich op het versnellen van de ontwikkeling, implementatie en adoptie van betrouwbare, gebruiksvriendelijke en betaalbare Point-of-Care Technologies (POCT). Door diagnostische innovaties dichter bij de eindgebruiker te brengen, ondersteunt CoE4POCT zowel zorgprofessionals als burgers bij vroegtijdige detectie, preventie en monitoring van leefstijlziekten zoals diabetes type 2, kanker, hart- en vaatziekten en COPD, met als uiteindelijk doel het verbeteren van gezondheid en kwaliteit van leven.<\/p>\n            <p>CoE4POCT functioneert als een multidisciplinair samenwerkingsplatform waarin kennisinstellingen, technologieontwikkelaars, zorgprofessionals, bedrijven en maatschappelijke organisaties worden verbonden. Het centrum stimuleert de vorming van duurzame samenwerkingsverbanden, brengt relevante stakeholders binnen het POCT-domein samen en versterkt het nationale en internationale innovatie-ecosysteem rondom point-of-care diagnostiek. Daarnaast zoekt CoE4POCT actief aansluiting bij complementaire initiatieven, zoals Lifestyle4Health, om de synergie tussen preventie, leefstijlinterventies en diagnostische technologie\u00ebn te vergroten.<\/p>\n            <p>Een belangrijk speerpunt van CoE4POCT is het initi\u00ebren en ondersteunen van gezamenlijke onderzoeks- en innovatieprojecten, gericht op de ontwikkeling, validatie en implementatie van nieuwe POCT-oplossingen. Tevens draagt het centrum bij aan onderwijs en talentontwikkeling door actieve betrokkenheid bij opleidingsprogramma&#8217;s, waaronder de MSc Applied Nanotechnology, waarmee de volgende generatie onderzoekers en professionals wordt voorbereid op uitdagingen binnen het POCT-veld.<\/p>\n            <p>CoE4POCT is een initiatief van Saxion Hogeschool en stimuleert interdisciplinair onderzoek door expertise uit verschillende vakgebieden samen te brengen. Het centrum is opgericht door de onderzoeksgroepen Applied Nanotechnology en Smart Health en is voortgekomen uit een samenwerking tussen de strategische thema&#8217;s Key Enabling Technologies en Health, Wellbeing &amp; Technology. Door deze integrale aanpak cre\u00ebert CoE4POCT een unieke omgeving waarin onderzoek, onderwijs en innovatie samenkomen om de ontwikkeling van innovatieve POCT-oplossingen te versnellen en de transitie naar toegankelijke, pati\u00ebntgerichte en duurzame gezondheidszorg te ondersteunen.<\/p>\n          <\/div>\n        <\/div>\n\n        <div class=\"card\">\n          <div class=\"s-head\"><span class=\"track\">Cure<\/span><span class=\"track ghost\">Ontwikkeling<\/span><\/div>\n <p class=\"s-speaker\"> Locatie: Van Olstborg &#8211; A2.106<\/p>\n<p><\/p>\n\n          <h3 class=\"s-title\">Van innovatieve labtest tot digitale preventieve (zelf)zorg<\/h3>\n          <p class=\"s-speaker\"><strong>Jacques Hens &amp; Monique van der Wardt-Kester<\/strong> \u00b7 Hogeschool Rotterdam<\/p>\n          <div class=\"s-body\">\n            <p>De toekomstbestendigheid van de gezondheidszorg staat onder druk: de zorgvraag groeit, het aantal beschikbare professionals neemt af en de kosten mogen niet verder stijgen. Point of care technologie en digitale (zelf)zorg kunnen hierin een belangrijke rol spelen, zeker wanneer ze gericht worden ingezet ter ondersteuning van preventieve gezondheidszorg. Om deze technologie breed beschikbaar te maken, is het essentieel dat toekomstige zorgprofessionals er nu al in de praktijk kennis mee maken. Door onderwijs en onderzoek waarin zij zelf actief bijdragen, ontwikkelen zij inzicht in wat POCT \u2014 mits goed ge\u00efmplementeerd \u2014 de zorg kan bieden.<\/p>\n            <p>Tegen die achtergrond staan vier vragen centraal: hoe kan POCT zinvol en betrouwbaar in de praktijk worden toegepast? Hoe is POCT voor thuis- en ziekenhuisdiagnostiek binnen Hogeschool Rotterdam te ontwikkelen? Hoe zijn (medische) data uit innovatieve laboratorium- en point-of-care technologie te combineren met data-analyse en AI, z\u00f3 dat de uitkomsten begrijpelijk en verantwoord zijn \u2014 ook thuis en voor niet-zorgprofessionals? En hoe kunnen deze technologie\u00ebn duurzaam en circulair worden gemaakt?<\/p>\n            <p>De conclusie: samenwerken aan zorgtechnologische onderzoeksvragen vergroot het inzicht in wat passende inzet van POCT betekent, toekomstige professionals leren via onderwijs hoe ze zorgtechnologie kunnen inzetten tegen de krapte op de arbeidsmarkt, en zo draagt POCT bij aan kwalitatieve, toegankelijke en betaalbare zorg die inclusief, duurzaam en preventiegericht is.<\/p>\n          <\/div>\n        <\/div>\n\n        <div class=\"card\">\n          <div class=\"s-head\"><span class=\"track\">Prevention<\/span><span class=\"track ghost\">Workshop<\/span><\/div> \n<p class=\"s-speaker\"> Locatie: Van Olstborg &#8211; B1.019<\/p>\n<p><\/p>\n\n          <h3 class=\"s-title\">Prehabilitatie en POCT<\/h3>\n          <p class=\"s-speaker\"><strong>Dr. Talko B. Dijkhuis &amp; Dr. Margot de Looff<\/strong> \u00b7 Hanze, Groningen<\/p>\n          <div class=\"s-body\">\n            <p>\u201cWelke factoren beinvloeden de herstelcapaciteit v\u00f3\u00f3r de operatie?\u201d\nIn deze workshop krijgen de deelnemers een oudere pati\u00ebnt op consult met colorectale kanker die over 6 weken geopereerd wordt. De deelnemers moeten bepalen welke metingen en interventies ze willen doen om een beter beeld te krijgen van de fysieke en mentale veerkracht en om deze vervolgens te verbeteren. Daarmee worden POCT, functionele metingen en dagelijkse metingen de activiteit van de workshop zelf. Prehabilitatie is vervolgens de context waarin deelnemers de meetgegevens moeten gebruiken.\n<\/p>\n          <\/div>\n        <\/div>\n\n        <div class=\"card\">\n          <div class=\"s-head\"><span class=\"track ghost\">Extra sessie<\/span><\/div>\n<p class=\"s-speaker\"> Locatie: Van Olstborg &#8211; Gerardus de San zaal<\/p>\n<p><\/p>\n\n\n          <h3 class=\"s-title\">Preventie en herstel van sportblessures<\/h3>\n          <p class=\"s-speaker\"><strong>Michel Brink<\/strong> \u00b7 Bewegingswetenschappen, RUG \/ UMCG<\/p>\n          <div class=\"s-body\">\n            <p>Teamsporten zoals voetbal, hockey en handbal zijn heel dynamisch: snelle richtingsveranderingen, sprinten en plotseling stoppen, steeds in reactie op de bal, teamgenoten en tegenstanders. Dat zorgt voor een grote belasting op spieren, pezen en gewrichten. Een te hoge belasting in combinatie met te weinig herstel kan leiden tot blessures met een grote kans op herhaling; ook psychosociale factoren zoals stress en ontspanning spelen daarbij een rol.<\/p>\n            <p>Point-of-care technologie maakt het mogelijk om real-time metingen te doen op en naast het veld. In deze presentatie bespreekt Michel Brink innovatieve methoden om belasting nauwkeurig te meten, bijvoorbeeld via sensortechnologie die snelheid en richtingsveranderingen combineert. Toegepast in observationele studies leveren deze indicatoren inzicht op in de relaties tussen belasting, herstel, prestaties en blessures.<\/p>\n            <p>Die inzichten kunnen worden vertaald naar praktische interventies, zoals feedbacksystemen voor coaches en fysiotherapeuten om trainingsbelasting en herstel beter op elkaar af te stemmen. Zo draagt POCT bij aan het voorkomen van blessures en aan een veilige terugkeer naar sport.<\/p>\n          <\/div>\n        <\/div>\n\n      <\/div>\n    <\/div>\n  <\/div>\n\n  <!-- PLENAIRE SESSIE 3 -->\n  <div class=\"block alt\">\n    <div class=\"wrap\">\n      <div class=\"sec-head\">\n        <h2><span class=\"bar\"><\/span>Plenaire sessie 3 \u2014 Implementatie<\/h2>\n        <p class=\"when\">13:45\u201315:00 \u00b7 POCT in Care, Cure en Prevention: implementatie<\/p>\n      <\/div>\n      <div class=\"s-list\">\n\n        <div class=\"card\">\n          <div class=\"s-head\"><span class=\"track\">Care<\/span><\/div>\n          <h3 class=\"s-title\">Van laboratorium naar huisarts: praktische implementatie van CRP en D-Dimeer POCT<\/h3>\n          <p class=\"s-speaker\"><strong>Willeke Ferket-Franken<\/strong> \u00b7 Klinisch chemicus, Certe<\/p>\n          <div class=\"s-body\">\n            <p>Het introduceren van een nieuw point-of-care systeem in de huisartsenpraktijk vraagt om een goede voorbereiding en veel aandacht voor nazorg. Binnen Certe is vorig jaar bij honderd huisartsenpraktijken een nieuw POCT-systeem gelanceerd voor het meten van CRP en D-Dimeer. In deze sessie deelt Willeke Ferket-Franken graag de ervaringen en leerpunten.<\/p>\n            <p>Een belangrijk vertrekpunt bij de introductie is juiste en eerlijke voorlichting, vooral over de veranderingen in het proces. Daarnaast is het belangrijk om de verschillende gebruikersgroepen binnen de praktijk goed te begeleiden: de huisarts kan een andere beleving hebben dan de doktersassistenten, die de meting vaak uitvoeren. Het nazorgtraject moet voor alle doelgroepen goed geregeld zijn, want wennen aan een nieuw systeem kost tijd. Gebeurt dit met de juiste zorgvuldigheid en aandacht, dan maken laboratorium en huisarts samen een succes van de implementatie van nieuwe POCT-mogelijkheden in de huisartsenpraktijk.<\/p>\n            <p>Certe is een belangrijke aanbieder van medische diagnostiek in Noord-Nederland en werkt daarbij nauw samen met huisartsen. Deze sessie behandelt de ervaringen en samenwerking bij het implementatietraject van POCT in de eerstelijn.<\/p>\n          <\/div>\n        <\/div>\n\n        <div class=\"card\">\n          <div class=\"s-head\"><span class=\"track\">Prevention<\/span><\/div>\n          <h3 class=\"s-title\">Glucosemonitoring &amp; preventie van diabetes mellitus type 2<\/h3>\n          <p class=\"s-speaker\"><strong>Robbert Slingerland<\/strong> \u00b7 Klinisch chemicus, Isala<\/p>\n          <div class=\"s-body\">\n            <p><strong>Achtergrond<\/strong><br>De wereldwijde ziektelast van type 2 diabetes en cardiometabole aandoeningen blijft toenemen en zet de gezondheidszorg onder grote druk. Het opsporen van personen met een verhoogd risico berust nu vooral op glucose en HbA1c. Deze markers worden echter pas relatief laat in het ontstaan van metabole disfunctie afwijkend. Eerdere identificatie zou meer tijd bieden voor preventieve leefstijlinterventies.<\/p>\n            <p><strong>Doel<\/strong><br>Wij onderzoeken of insulinemetingen kunnen bijdragen aan het eerder identificeren van personen met een verhoogd risico op prediabetes, type 2 diabetes en hart- en vaatziekten, en bespreken de analytische en klinische uitdagingen die moeten worden opgelost voordat implementatie mogelijk is.<\/p>\n            <p><strong>Overwegingen<\/strong><br>Nuchter insuline is relatief eenvoudig te meten en kan informatie geven over compensatoire hyperinsulinemie voordat er sprake is van manifeste hyperglykemie. Het vaststellen van klinisch zinvolle afkapwaarden is echter lastig. Conventionele referentie-intervallen zijn niet per se gelijk aan optimale metabole waarden. Een ogenschijnlijk gezonde referentiepopulatie kan personen omvatten bij wie al insulineresistentie ontstaat, met compensatoire hyperinsulinemie terwijl de glucoseconcentraties nog binnen of dicht bij het referentiegebied liggen. Uit de populatie afgeleide referentie-intervallen vormen daarom mogelijk niet de meest geschikte drempelwaarden voor preventieve screening.<\/p>\n            <p>Dynamische insulinemetingen kunnen aanvullende informatie bieden. Insulineconcentraties een of twee uur na een gestandaardiseerde glucosebelasting geven mogelijk beter de fysiologische respons op een glucoseprikkel weer en kunnen metabole disfunctie aan het licht brengen die uit nuchtere metingen niet blijkt. Op langere termijn zou continue insulinemonitoring een nog gedetailleerder beeld van de individuele metabole respons kunnen geven, hoewel de klinische toepasbaarheid daarvan nog moet worden vastgesteld.<\/p>\n            <p><strong>Conclusie<\/strong><br>Als preventie het doel is, is de centrale vraag mogelijk niet of insuline binnen een conventioneel referentie-interval valt, maar welke insulineconcentratie een stadium markeert waarin metabole achteruitgang nog omkeerbaar is en interventie een betekenisvol gezondheidsvoordeel oplevert. Het defini\u00ebren van dergelijke actiegerichte drempelwaarden, en het bepalen of nuchtere, gestimuleerde of uiteindelijk continue insulinemetingen de grootste toegevoegde waarde hebben, zijn essenti\u00eble stappen richting laboratoriumondersteunde preventie van diabetes en cardiometabole ziekte.<\/p>\n          <\/div>\n        <\/div>\n\n        <div class=\"card\">\n          <div class=\"s-head\"><span class=\"track\">Cure<\/span><\/div>\n          <h3 class=\"s-title\">E-Nose: longkankerdiagnostiek via ademprofielen<\/h3>\n          <p class=\"s-speaker\"><strong>Dr. Benthe Muntinghe<\/strong> \u00b7 Arts-assistent longgeneeskunde,  Arts-onderzoeker longoncologie, UMCG<\/p>\n\n          <div class=\"s-body\">\n            <p>Longkanker is een van de meest dodelijke vormen van kanker; in Nederland overlijden hieraan jaarlijks ongeveer 10.500 mensen. De belangrijkste reden is dat de ziekte meestal pas in een laat stadium wordt ontdekt, wanneer genezing niet meer mogelijk is.<\/p>\n            <p>eNose-technologie meet uitademingsprofielen. In het UMCG is ruime ervaring met de SpiroNose: deze elektronische neus meet via zeven sensoren zo&#8217;n 3.000 vluchtige koolwaterstoffen. Tijdens de lezing gaat Jeroen Hiltermann in op eigen onderzoek naar de mogelijke waarde van eNose-technologie \u2014 zowel voor het eerder vaststellen van longkanker als voor het voorspellen of en hoe iemand reageert op een behandeling.<\/p>\n          <\/div>\n        <\/div>\n\n      <\/div>\n    <\/div>\n  <\/div>\n\n  <!-- PARALLELLE SESSIE 2 -->\n  <div class=\"block\">\n    <div class=\"wrap\">\n      <div class=\"sec-head\">\n        <h2><span class=\"bar\"><\/span>Parallelle sessie 2 \u2014 Implementatie<\/h2>\n        <p class=\"when\">15:00\u201316:15 \u00b7 Workshops en parallelle sessies<\/p>\n      <\/div>\n      <div class=\"s-list\">\n\n        <div class=\"card\">\n          <div class=\"s-head\"><span class=\"track\">Care<\/span><span class=\"track ghost\">Implementatie<\/span><\/div>\n <p class=\"s-speaker\"> Locatie: Van Olstborg &#8211; 1.019<\/p>\n<p><\/p>\n          <h3 class=\"s-title\">Van knijpkracht naar digitale gezondheidszorg: Samenwerken aan preventie<\/h3>\n\n\n          <p class=\"s-speaker\"><strong>Jornt Holtman<\/strong> \u00b7 Innovator, Citec<\/p>\n          <p class=\"s-body\">\n\nKnijpkracht is een wetenschappelijk onderbouwde biomarker voor fysieke gezondheid, kwetsbaarheid (frailty) en functionele achteruitgang. Het meten ervan is eenvoudig en niet-invasief. Dit biedt kansen voor preventieve gezondheidszorg, met name voor zelfstandig wonende ouderen met een verhoogd risico op verlies van zelfredzaamheid.\n\nCitec Motion ontwikkelt handdynamometers voor het meten van spierkracht. Momenteel functioneren deze apparaten zelfstandig, zonder digitale koppeling met zorgapplicaties of elektronische pati\u00ebntendossiers. Onze ambitie is om deze metingen te integreren in digitale zorgsystemen die monitoring, vroegsignalering en tijdige interventie ondersteunen.\n\nOnze ontwikkelagenda omvat haalbaarheidsonderzoek, draadloze connectiviteit, aanpassing voor thuisgebruik, integratie met pati\u00ebntendossiers en ontwikkeling van signaleringsalgoritmen. Uiteindelijk willen we deze toepassingen klinisch evalueren met pati\u00ebnten.\n\nDe ontwikkeling van dergelijke oplossingen vraagt om samenwerking tussen technologieontwikkelaars, zorginstellingen, onderzoekers en softwareleveranciers.\n\nTijdens deze workshop bespreken we, naast een interactieve kennismaking met de tool, de mogelijkheden, uitdagingen en ontwikkelplannen. We zoeken partners om gezamenlijk een digitaal zorgecosysteem te ontwikkelen of onze meettechnologie te integreren in bestaande zorgplatforms.<\/p>\n        <\/div>\n\n        <div class=\"card\">\n          <div class=\"s-head\"><span class=\"track\">Cure<\/span><span class=\"track ghost\">Implementatie<\/span><\/div>\n\n<p class=\"s-speaker\"> Locatie: Van Olstborg &#8211; Gerardus de San zaal<\/p>\n<p><\/p>\n          <h3 class=\"s-title\">De bloeddruk daalt. Maar verbetert de zorg?<\/h3>\n          <p class=\"s-speaker\"><strong>Dr.ir. Helma Kaptein MBA<\/strong> \u00b7 Lector Implementatie Zorgtechnologie, Hogeschool Rotterdam<\/p>\n          <div class=\"s-body\">\n            <p>Een bloeddrukmeter doet precies wat hij moet doen: bloeddruk meten. Maar verbetert de zorg automatisch mee wanneer de pati\u00ebnt thuis gaat meten? Een Nederlandse pilot met thuismonitoring van bloeddruk laat een interessante paradox zien. Na zes maanden steeg het percentage pati\u00ebnten met een goed gereguleerde bloeddruk van 16% naar 68% en hoefde niemand daarvoor nog fysiek naar het ziekenhuis \u2014 t\u00f3ch ervoeren professionals een toegenomen werkbelasting. Bovendien organiseerden drie deelnemende huisartsenpraktijken dezelfde technologie verschillend: twee praktijken verrichtten geen aanvullende metingen meer, terwijl in de derde praktijk bij zeven pati\u00ebnten nog dertig extra bloeddrukmetingen werden gedaan.<\/p>\n            <p>Dat roept de vraag op waar de werkelijke innovatie zit: in de technologie, of in wat we met die technologie in het zorgproces veranderen? Aan de hand van thuismonitoring van bloeddruk onderzoekt Helma Kaptein met het Implementatiekompas Zorgtechnologie wat er gebeurt tussen een betrouwbare meting en daadwerkelijke zorgimpact. Voor wie is thuismonitoring passend? Wie beoordeelt de meetwaarden en wanneer wordt daarop gehandeld? Welke bestaande zorghandelingen kunnen vervallen? En meten we uiteindelijk het gebruik van de technologie, of de waarde die ermee wordt gerealiseerd?<\/p>\n            <p>De bloeddrukmeter illustreert zo een breder vraagstuk: een technologie kan betrouwbaar zijn, worden gebruikt \u00e9n uitkomsten verbeteren, terwijl er tegelijk extra of zelfs dubbele zorg ontstaat. Voor echte impact moet daarom niet alleen de technologie worden ge\u00efmplementeerd, maar ook het zorgproces opnieuw worden ontworpen.<\/p>\n          <\/div>\n        <\/div>\n\n        <div class=\"card\">\n          <div class=\"s-head\"><span class=\"track\">Prevention<\/span><span class=\"track ghost\">Implementatie<\/span><\/div>\n          <h3 class=\"s-title\">Wie bepaalt wat we testen? Zelftesten: een balans tussen autonomie en kwaliteit<\/h3>\n          <p class=\"s-speaker\"><strong>Vibeke Bruinenberg<\/strong> \u00b7 Klinisch chemicus, Certe (NVKC-commissie Zelftesten)<\/p>\n          <div class=\"s-body\">\n            <p>De toenemende vergrijzing, de beperkte beschikbaarheid van zorgpersoneel en de oplopende zorgkosten vragen om nieuwe manieren om de zorg toegankelijk, betaalbaar en toekomstbestendig te houden. Preventie en diagnostiek buiten de traditionele zorgsetting krijgen daarbij steeds meer aandacht, en zelftesten kunnen hierin een belangrijke rol spelen. De mogelijkheden nemen snel toe en geven pati\u00ebnten en burgers meer manieren om zelf inzicht te krijgen in hun gezondheid. Tegelijkertijd roept dit vragen op over de betrouwbaarheid, kwaliteit en interpretatie van testuitslagen en over de gevolgen voor pati\u00ebnt en zorg.<\/p>\n            <p>In deze interactieve sessie neemt Vibeke Bruinenberg, namens de landelijke NVKC-commissie Zelftesten, deelnemers mee in de wereld van zelftesten. Welke vormen zijn er en welke kansen bieden ze? Waar liggen de risico&#8217;s en aan welke randvoorwaarden en kwaliteitscriteria moet worden voldaan voor betrouwbare en verantwoorde toepassing? Ook medisch-ethische vraagstukken komen aan bod: hoe verhoudt zelftesten zich tot pati\u00ebntautonomie en eigen regie, en hoe vinden we de juiste balans tussen meer zeggenschap voor de pati\u00ebnt en het waarborgen van kwaliteit en veiligheid van diagnostiek?<\/p>\n            <p>Deelnemers worden actief uitgenodigd om mee te denken en samen de grenzen en mogelijkheden van zelftesten binnen de moderne gezondheidszorg te verkennen.<\/p>\n          <\/div>\n        <\/div>\n\n        <div class=\"card\">\n          <div class=\"s-head\"><span class=\"track ghost\">Extra sessie<\/span><\/div>\n\n<p class=\"s-speaker\"> Locatie: Van Doorenveste &#8211; Aula<\/p>\n<p><\/p>\n          <h3 class=\"s-title\">Van meetwaarde naar meerwaarde: gezondheidseconomische barri\u00e8res voor point-of-care diagnostiek<\/h3>\n          <p class=\"s-speaker\"><strong>Simon van der Pol<\/strong> \u00b7 Managing Director, Health-Ecore<\/p>\n          <div class=\"s-body\">\n            <p>Point-of-care diagnostiek is technisch beschikbaar, maar de opschaling in Nederland blijft achter. Een belangrijk deel van die vertraging is niet technologisch, maar gezondheidseconomisch en HTA-gerelateerd. Anders dan bij geneesmiddelen ontstaat de waarde van een test niet door de test zelf, maar door de beslissing die erop volgt: een antibioticumkuur die achterwege blijft, een opname die wordt voorkomen, een behandeling die eerder start. Die waarde is lastig te meten. Gerandomiseerde studies met pati\u00ebntuitkomsten ontbreken vaak; de gezondheidswinst moet daarom worden afgeleid uit testnauwkeurigheid, het diagnostisch algoritme en de effectiviteit van de behandeling. Daarnaast liggen kosten en baten in verschillende schotten: de huisarts of het laboratorium draagt de kosten, terwijl het ziekenhuis of de samenleving profiteert. Ook is de route naar beoordeling en vergoeding minder helder dan voor geneesmiddelen.<\/p>\n            <p>Deze sessie gaat over welke keuzes in bewijsvoering en gezondheidseconomische modellering het meeste verschil maken, en hoe ontwikkelaars, zorgprofessionals en beleidsmakers hier vroeg in het traject rekening mee kunnen houden. Kortom: wie POCT wil opschalen, moet niet alleen de meetwaarde aantonen, maar ook de meerwaarde.<\/p>\n          <\/div>\n        <\/div>\n\n      <\/div>\n    <\/div>\n  <\/div>\n\n  <!-- PLENAIRE SESSIE 4 -->\n  <div class=\"block alt\">\n    <div class=\"wrap\">\n      <div class=\"sec-head\">\n        <h2><span class=\"bar\"><\/span>Plenaire sessie 4 \u2014 Vissenkom<\/h2>\n        <p class=\"when\">16:15\u201317:00 \u00b7 Brainstorm &amp; discussie<\/p>\n      <\/div>\n      <div class=\"s-list\">\n\n        <div class=\"card\">\n          <div class=\"s-head\"><span class=\"track\">Paneldiscussie<\/span><\/div>\n          <h3 class=\"s-title\">Brainstorm &amp; discussie (vissenkom)<\/h3>\n          <p class=\"s-speaker\">Moderator: <strong>Robin Toorneman<\/strong> \u00b7 met o.a. Stephanie Klein Nagelvoort-Schuit (UMCG), Martin Bennink (Saxion), Hilbrand Oldenhuis (Hanze), Robert Olthuis (Diagned) en Simon van der Pol (Health-Ecore)<\/p>\n          <div class=\"s-body\">\n            <p>POCT26 wordt afgesloten met een levendige paneldiscussie in vissenkom-vorm. Onder leiding van moderator Robin Toorneman gaan bestuurders, lectoren en experts met elkaar en met de zaal in gesprek over de toekomst van point-of-care diagnostiek: wat is er nodig om innovaties succesvol te ontwikkelen, te implementeren en op te schalen binnen de zorg?<\/p>\n\n          <\/div>\n          <p class=\"placeholder\">Definitieve toelichting volgt.<\/p>\n        <\/div>\n\n      <\/div>\n    <\/div>\n  <\/div>\n\n  <div class=\"cta\">\n    <div class=\"wrap\">\n      <h2>Bekijk het volledige programma<\/h2>\n      <p>Alle tijden, zalen en sprekers op een rij \u2014 en meld je aan voor POCT26 op donderdag 29 oktober 2026.<\/p>\n      <div class=\"btns\">\n        <a class=\"btn\" href=\"https:\/\/collabspace.nl\/poct26\/programma\/\" target=\"_blank\" rel=\"noopener\">Naar het programma<\/a>\n        <a class=\"btn line\" href=\"https:\/\/www.formdesk.com\/hanzehogeschoolgroningen\/POCT\" target=\"_blank\" rel=\"noopener\">Registreren<\/a>\n      <\/div>\n    <\/div>\n  <\/div>\n\n<\/div>\n\n\n\n<p class=\"wp-block-paragraph\"><\/p>\n","protected":false},"excerpt":{"rendered":"<p>Point-of-care congres \u00b7 POCT26 Programma Verdieping bij elk programmaonderdeel. Lees vooraf waar de keynotes, lezingen en workshops over gaan, zodat je jouw dag optimaal kunt indelen. \ud83d\udcc5 Donderdag 29 oktober 2026 \ud83d\udccd Hanze, Groningen Plenaire sessie 1 \u2014 Opening &amp; keynote 09:30\u201310:00 \u00b7 POCT in Care, Cure en Prevention Welkomswoord Welkom bij POCT26 Fin Milder<\/p>\n<div class=\"more-link\">\n\t\t\t\t <a href=\"https:\/\/collabspace.nl\/poct26\/sessies\/\" class=\"link-btn theme-btn\"><span>Read More <\/span> <i class=\"fa fa-caret-right\"><\/i><\/a>\n\t\t\t<\/div>\n","protected":false},"author":4,"featured_media":0,"parent":0,"menu_order":0,"comment_status":"closed","ping_status":"closed","template":"","meta":{"footnotes":""},"class_list":["post-542","page","type-page","status-publish","hentry"],"_links":{"self":[{"href":"https:\/\/collabspace.nl\/poct26\/wp-json\/wp\/v2\/pages\/542","targetHints":{"allow":["GET"]}}],"collection":[{"href":"https:\/\/collabspace.nl\/poct26\/wp-json\/wp\/v2\/pages"}],"about":[{"href":"https:\/\/collabspace.nl\/poct26\/wp-json\/wp\/v2\/types\/page"}],"author":[{"embeddable":true,"href":"https:\/\/collabspace.nl\/poct26\/wp-json\/wp\/v2\/users\/4"}],"replies":[{"embeddable":true,"href":"https:\/\/collabspace.nl\/poct26\/wp-json\/wp\/v2\/comments?post=542"}],"version-history":[{"count":16,"href":"https:\/\/collabspace.nl\/poct26\/wp-json\/wp\/v2\/pages\/542\/revisions"}],"predecessor-version":[{"id":614,"href":"https:\/\/collabspace.nl\/poct26\/wp-json\/wp\/v2\/pages\/542\/revisions\/614"}],"wp:attachment":[{"href":"https:\/\/collabspace.nl\/poct26\/wp-json\/wp\/v2\/media?parent=542"}],"curies":[{"name":"wp","href":"https:\/\/api.w.org\/{rel}","templated":true}]}}